Showing posts with label Reviews K. Show all posts
Showing posts with label Reviews K. Show all posts

Reviews K

Kaipa - Keyholder (2003)

Label: Inside Out Music
Bandsite: Kaipa
Duur: 78:27
Recensent: JoJo
Waardering: @ @ (uit max. 5 JoJo's)

Roine Stolt is een bezige baas. Hij stuurt zijn Flower Kings aan, speelt verdienstelijke deunen mee in Transatlantic, tourt met beide bands over de gehele wereld, verleent hand- en spandiensten bij andere artiesten, moet tussendoor nieuw werk bedenken en heeft twee jaar terug ook nog zijn oude formatie Kaipa uit de mottenballen gehaald. Het prima 'Notes from the Past' uit 2002 markeerde de come back van de band waarin Stolt samen met zijn oude makker Hans Lundin een hoofdrol speelt. De meester herkent zichzelf en wordt herkend in de dosering. Een te hoge produktie kan leiden tot kwaliteitsverlies en uitval, dat gevaar ligt niet alleen in de muziek op de loer. Heeft dit gevaar zich voorgedaan bij Kaipa's nieuweling 'Keyholder'? Op die vraag durf ik volmondig 'ja' te antwoorden. Een toelichting.
Het werkstuk duurt 1 uur en 18 minuten en dat is veel te lang. Het gebodene verrast te weinig om de concentratie zo lang vast te houden en bovendien klinkt het allemaal erg bekend. Lange werkstukken afscheiden is toch al een tendens sinds de intrede van de CD, maar gaat voorbij aan het onderzoeksgegeven dat de gemiddelde mens bij luisteren of lezen de concentratie niet langer dan zo'n 40 minuten kan vasthouden. Stolt bezondigt zich overigens ook regelmatig aan tijdsoverschrijding bij The Flower Kings. En aangezien ik mijzelf beschouw als een gemiddeld mens haak ik rond die tijd volledig af. 'Keyholder' is daarnaast overgeproduceerd, waarmee ik niet doel op de geluidskwaliteit maar op het feit dat het geluidsspectrum geheel vol zit. Elk gaatje is gevuld, vaak met (een aaneenschakeling van) solo's. Dat doet nog een extra appèl op de concentratie van de luisteraar. Verder kennen de meeste nummers, met uitzondering van het relatief rustige en prachtige 'Sonic Pearls', eenzelfde opbouw die wij ook van andere Stolt produkten kennen: het thema wordt al dan niet met zang in een eerste deel neergezet, wat volgt is een instrumentaal en doorgaans langdurig intermezzo en er wordt weer afgesloten met het thema. Zo'n gelijke opbouw hoeft niet verkeerd uit te pakken, maar in combinatie met mijn andere kritiekpunten hindert het mij en men schuift daardoor teveel op naar The Flower Kings. Waar ligt dan nog het onderscheid tussen Kaipa en de bloemenkoningen? En dan de zang. Op de prima Patrik Lundström van Ritual is niets aan te merken. Zijn stem staat als een huis en blijft boeien. Dat geldt niet voor zangeres Aleena. Hoewel zij een zuivere en heldere stem heeft, beperkt zij zich waarschijnlijk onbewust tot een manier van zingen die vaak wordt toegepast in musicals. Een wat theatrale en overdreven articulerende uitvoering is dan het resultaat. Als Joop van den Ende haar ontdekt ligt een grote carrière in het verschiet, maar voor een rol in de progressieve muziek lijkt zij mij niet geschikt. Tenslotte worden de solo's op keyboards en met name gitaar te veel en te ver uitgesponnen. Ook hier is de dosering volledig uit het oog verloren en wat rest is langdradigheid.
Is er dan niets positiefs te melden over 'Keyholder'? Wel degelijk. Er zijn ten opzichte van hun vorige werkstuk wat jazzy elementen toegevoegd, wat goed uitpakt in bijvoorbeeld 'A Complex World of Art'. Alle tracks worden vakkundig uitgevoerd door topmuzikanten waarbij het inventieve drumspel van Morgan Ågren (voorheen bij Frank Zappa) opvalt. Stolt cs. zijn bovendien uitermate goed op elkaar ingespeeld. Ten slotte moet aan de positieve kant worden vermeld dat nummers als het eerder genoemde 'Sonic Pearls' en 'Distant Voices' er op zichzelf best mogen zijn. Het geheel is verpakt in een goed verzorgde hoes met een intrigerende afbeelding op de voorzijde.
Niet alles wat wordt uitgebracht in prog- en symfoland hoeft vernieuwend te zijn. Maar hoe lang kun je nog doorgaan met het bedenken van dit soort werkstukken? Stolt wandelt op een door hem en vele anderen in het verleden en heden uitgekauwde en doodlopende weg. Wat des te meer opvalt bij een (te) hoge produktie in een te korte tijdsspanne en bij te weinig dosering in de uitvoering. Het einde van de doodlopende weg is dan logischerwijze ook sneller bereikt. Een dramatische koerswijziging lijkt mij noodzakelijk.
JoJo (2003)

Bezetting:
Hans Lundin - hammond organ, synthesizers, mellotron, piano, vocals
Roine Stolt - electric and acoustic guitars, percussion, vocals
Morgan Ågren - drums
Jonas Reingold - fretless & custom basses
Patrik Lundström - lead and backing vocals
Aleena - lead and backing vocals

Discografie:
Kaipa (1975)
Ingett nytt under solen (1976)
Solo (1978)
Händer (1980)
Nattdjurstid (1982)
Stockholm Symphonie (1993/bootleg)
Notes from the Past (2002)
Keyholder (2003)

Reviews K

Kansas - Device-Voice-Drum (2002)

Label: Compendia Music Group
Bandsite:
kansasband.com
Duur: 67:43 + 32:01
Reviewer: JoJo
Waardering: @ @ @ @ (uit max. 5 JoJo's)

Kansas had vroeger mijn warme belangstelling. Ten tijde van de releases van ‘Leftoverture' en ‘Point of Know Return', half jaren 70, behoorde de band tot het illustere rijtje namen dat ik opsomde als iemand mij vroeg van welke muziek ik hield. Later ben ik de band uit het oog verloren om hernieuwd kennis te maken via hun prima ‘Somewhere to Elsewhere' uit 2000, waarop zelfs oudgedienden Kerry Livgren en Dave Hope weer meededen. De voorliggende live-dubbelaar was de laatste jaren echter toch aan mijn aandacht ontsnapt. Beter laat dan nooit want het gebodene is zeer aantrekkelijk.
Mijn laatste ervaring met een live-optreden van Kansas was via het album ‘Two for the Show' uit 1978. Ik vond en vind dat een matig werkstuk dat maar niet wilde beklijven. Het gat dat er gaapt tussen de studio-uitvoeringen van de tracks en de live-interpretatie vond ik te groot en het was alsof er een dikke deken over het geluid was gedrapeerd. Deze bezwaren gelden bij het in Atlanta opgenomen ‘D-V-D' geenszins. De band is, ondanks een aanzienlijk aantal speltechnische schoonheidsfoutjes, geweldig op dreef en speelt alsof de jeugd nog in hen zit. Die foutjes heeft men er gelukkig in laten zitten, hetgeen de spontaniteit en oorspronkelijkheid ten goede komt. En de produktie is ook uitstekend te noemen. De heren zijn bovendien meesters op hun instrumenten waarbij vooral het goedgeplaatste drummen van Ehart opvalt en Steve Walsh weer volledig hersteld is van zijn fysieke en psychische malheur en de sterren van de hemel zingt en speelt. Hij heeft het niet gemakkelijk omdat de toetsenpartijen complex zijn en hij tegelijkertijd vaak moet zingen. Dat gaat niet altijd goed zoals in ‘Icarus' en ‘The Wall', maar zoals gezegd heeft dat ook zijn charme. Overigens vind ik zijn orgelpartijen een lust voor het oor. Walsh wordt ontlast doordat violist Robby Steinhardt en bassist Dave Greer regelmatig op verdienstelijke wijze zangpartijen voor hun rekeningen nemen.
De tweede schijf van deze dubbelaar bevalt mij iets beter dan de eerste. Waarschijnlijk toe te schrijven aan de geweldige uitvoeringen van mijn ‘all time favourites' als ‘Miracles Out of Nowhere', ‘Point of Know Return' en de lange uitvoering van ‘Carry on my Wayward Son'. Maar ook op CD 1 trekt men kwalitatief hoogstaand van leer in ‘Belexes', ‘Song for America', ‘The Preacher', ‘Journey from Mariabronn' en ‘Cheyenne Anthem' waarbij overigens de schitterende gitaarpartijen van Richard Williams niet onvermeld mogen blijven. Waardoor per saldo de kwalitatieve verschillen tussen CD1 en CD 2 minimaal blijven.
Terugkijkend mag Kansas een unieke band worden genoemd met een geheel eigen geluid dat je herkent uit duizenden. Dat bewijst dit liveconcert eens te meer. Het betreft hier een ‘enhanced CD', hetgeen betekent dat er een videotrack is toegevoegd waarop men ‘Distant Vision' uitvoert. Hoewel ik daar doorgaans niet zo op zit te wachten, krijg je als luisteraar door deze bewegende beelden wel een inkijkje in het spelplezier dat Kansas die avond uitstraalde en wordt het enthousiasme van het publiek nog tastbaarder. Mijn enthousiasme over ‘D-V-D' heb ik tastbaar proberen te maken via deze lovende review.
JoJo (04-2005)

Bezetting:
Steve Walsh - keyboards, vocals
Robby Steinhardt - violin, vocals
Phil Ehart - drums
Billy Greer - bass guitar, vocals
Richard Williams - lead and acoustic guitars

Discografie (selectie):
Kansas (74)
Song for America (75)
Masque (75)
Leftoverture (76)
Point of Know Return (77)
Two for the Show (78)
Monolith (79)
Audio Visions (80)
Vinyl Confessions (82)
Drastic Measures (83)
Power (86)
In the Spirit of Things (88)
Carry On (90)
Freaks of Nature (95)
Always Never the Same (98)
Somewhere to Elsewhere (00)
Device-Voice-Drum (02)
Kansas [boxed set] (04)

Reviews K

Mike Keneally - Nonkertompf (1999)

Label: Exowax Recordings
Bandsite:
keneally.com
Duur: 74:12
Reviewer: JoJo
Waardering: @ @ @ @ (max. score JoJo's)

Wat deed u toen John F. Kennedy werd vermoord? Een universele vraag met doorgaans een persoonlijk antwoord. Wat deed u toen u hoorde dat Frank Zappa overleden was? Dat is een vraag die wat minder universeel gesteld zal worden, maar ik weet het nog precies. Ik zat een biertje drinken in mijn stamkroeg na de inrichting van een kunstbeurs. Ik was verslagen. Zappa was immers 'altijd' aanwezig geweest in mijn beleving. Dat is ook de reden dat ik werkstukken van muzikanten die ooit bij Zappa speelden nauwkeurig volg. Zo ook sinds enige tijd het werk van meestergitarist en incidenteel toetsenist Mike Keneally, die in de periode 1987-88 in dienst was van Zappa. De man door wiens muziek Keneally ooit besloot om de gitaar ter hand te nemen. De man die Keneally overigens na een jaar weer ontsloeg omdat hij zijn directieven op het toneel soms negeerde. Dat was een grote klap maar Mike bleef hyperactief in en met muziek. Zo speelde hij in The Steve Vai Band en trad en treedt hij, naast zijn solowerk, op met zijn begeleidingsband Beer for Dolphins met o.a. Nick d'Virgilio.
'Nonkertompf' is een solo-album bestaande uit 35 instrumentale miniatuurtjes die voorbijschieten door hun korte duur, zo gemiddeld 2 minuten per track. In deze weldadige overvloed zijn invloeden van Zappa te horen – uiteraard zou ik zeggen – maar heeft Keneally zich ook weten te ontworstelen aan het Zappa-idioom en laat hij ook andere invloeden toe. Dit werkstuk roept bij mij bijvoorbeeld associaties op met 'The Filmworks'-cyclus van jazz- en fusioncomponist John Zorn. Maar bovenal blijkt Keneally in staat om een eigen geluid te laten horen. De akoestische gitaar domineert in de vele kleinoden die deze doos van Pandora bevat, schitterend ondersteund door piano, synths, blaasinstrumenten en allerlei effecten en geluiden. Het zou te ver voeren om alle tracks hier te bespreken. Een aantal wil ik er graag uitlichten. Zo is daar het subtiele en romantische 'Click' met een pakkend thema dat uitdaagt tot meeneuriën. De Zappa-invloed komt in tracks als 'Naked Horse' en 'Draconian Blump' met name naar voren: fragmentarisch en met het zo bekende spinetgeluid en de marimba's die we van de meester kennen. 'Blue Jean Baby' valt op omdat de gitaarsynth een door merg en been gaand thema speelt. En zo kunnen we doorgaan met het steken van de loftrompet op het complexe 'The Knife and Drum', het intieme 'Paprika' met een thema dat zich de gehele CD een aantal malen herhaalt, de experimenten in 'Nine' en 'Juzz', het dreigende en symfonische 'O, Stamp Collector' en niet te vergeten de bombast van – wat een titel - 'Sunset over the Paprika Festival' en 'Raka Bannuh's Men'.
Mike Keneally is niet alleen een begenadigd gitarist met een indrukwekkende staat van dienst. Hij blijkt op deze schijf een virtuoos multi-instrumentalist te zijn, waarbij vooral zijn hoogstaande pianospel opvalt. En bovendien een creatief componist die met 'Nonkertompf' wat mij betreft een meesterwerk heeft afgeleverd. De rest van zijn catalogus staat inmiddels op het lijstje 'Met spoed aan te schaffen'.
JoJo (2003)

Bezetting:
Mike Keneally- all instruments, compositions and production

Reviews K

Mike Keneally - Keneally &
Metropole Orkest (2004)

Label: NPS Output / Favored Nations
Bandsite:
keneally.com of metropoleorkest.nl
Duur: 52:05
Reviewer: JoJo
Waardering: @ @ @ @ (uit max. 5 JoJo's)

Het Metropole Orkest associeerde ik tot een aantal jaren terug, wellicht onterecht, met name met stoffige radioprogramma's uit mijn jeugd. De uitroep 'En het Metropole Orkest onder leiding van Dolf van der Linden!!' galmt nog onnut na in het hoofd. Maar de stoffigheid is al lang afgelegd. Het orkest heeft zijn sporen in de muziekhistorie natuurlijk ruimschoots verdiend en de afgelopen jaren vele concerten gegeven en albums uitgebracht met bekende artiesten als Herbie Hancock, Steve Vai, Elvis Costello en Gino Vanelli. Een recent samenwerkingsverband is aangegaan met ex-Zappiaan Mike Keneally, met wie men 'The Universe Will Provide' presenteerde op het Holland Festival in 2003. De studioversie van dit werkstuk is nu uitgebracht op schijf.
Mike Keneally kan gezien worden als enerzijds een begenadigd componist en solo-artiest met een eigen geluid (zie ook de review 'Nonkertompf') en anderzijds als de hoeder van 'Franks gedachtegoed'. Frank Zappa wel te verstaan. Deze laatste prijzenswaardige rol vervult hij met name op 'The Universe Will Provide'. Weliswaar met eigen composities maar die stukken zijn zo doordrenkt van Zappiaanse arrangementen, blaaswerk, verrassende wendingen en breaks, dat welhaast gesproken kan worden van een hommage aan de grote leermeester. Ondersteund door een wervelend Metropole Orkest roept Keneally herinneringen op aan albums als 'Uncle Meat' en 'Waka Jawaka' van Zappa & The Mothers of Invention. Ook horen we duidelijke echo's van 'The Yellow Shark' uit 1990, waarop Zappa vlak voor zijn dood samenspeelde met het 'Ensemble Modern'.
'The Universe Will Provide' kent geen zwakke momenten maar wel een aantal uitschieters. 'All Of Them Were Quiet' laat een complex soort jazzrock horen met een jankende gitaar van Keneally, afgewisseld met klassieke orchestrale intermezzi à la Strawinksy en Varèse. 'Room' is gestoeld op een pompend ritme waaroverheen subtiele solo's op elektrische piano en gitaar op een bedje van violen zijn gezet. Het 11 minuten durende 'Four Slices of Toast' herbergt alle kenmerken van de complexe en soms fragmentarische muziek van Zappa en valt met name op door de 'gesprekken' tussen de uitstekende ritmesectie van het orkest en de gitaar van Keneally. 'Worrywart Spoonguy' klinkt op het eerste gehoor funky en lijkt uit te nodigen tot enige dansbeweging maar is daar toch te ingewikkeld voor. Voorts blinkt de track uit door de symfonische arrangementen en de solo's op, naar ik dacht, vibrafoon. Ook de overige nummers klinken zeer overtuigend en dragen plezier in het spel uit.
Keneally heeft samen met het Metropole Orkest een monumentaal werkstuk afgeleverd waarin een perfecte synthese plaatsvindt tussen klassieke muziek, jazz en rock. Daar waar Frank Zappa ook zijn hart had liggen. De meester zou trots zijn geweest op zijn leerling Keneally, al kan ik mij niet voorstellen dat Keneally een zo op Zappa gebaseerd werkstuk zou hebben durven afleveren bij diens leven.
JoJo (9-2004)


Bezetting:
Mike Keneally - electric and acoustic guitars, electric piano
Het Metropole Orkest - all other instruments

Discografie:
Hat. (1992)
Boil that Dust Speck (1994)
Giant Tracks (1997)
The Tar Tapes Vol. 1 1983-1991 (1997)
The Tar Tapes Vol. 2 1982-1991 (1998)
Nonkertompf (1999)
Wooden Smoke (2001)
The Universe Will Provide (2004)
With Beer for Dolphins:
Half Alive in Hollywood (1996)
Sluggo! (1997)
Dancing (2000)